Blog bondsarts Babette Pluim: Ai, een spierscheur!

De zomertoernooien zijn in volle gang en je staat ze goed te raken! Je hebt al twee finales gehaald en afgelopen week zelfs een toernooi gewonnen! Maar gisteravond ging het opeens mis aan het eind van de eerste set in je eerste wedstrijd. Bij een afzet om een korte bal te halen voelde je opeens een scherpe pijn aan de voorzijde van je bovenbeen. Strompelend heb je nog geprobeerd om de game af te maken, maar afzetten lukte echt niet meer. De ernst drong al snel tot je door: mogelijk toch een klein spierscheurtje. Teleurgesteld heb je de wedstrijd moeten opgeven.

Verrekkingen en kleine spierscheurtjes komen bij tennis helaas regelmatig voor. Dit heeft met het karakter van de sport te maken, waarbij je intensief van links naar rechts en van voor naar achter moet bewegen, met snelle starts en stops. Spierscheurtjes komen het meeste voor in de kuit en het bovenbeen (quadriceps aan de voorkant, hamstrings aan de achterkant en adductoren aan de binnenkant). De spierscheur in de kuit komt zelfs zo vaak voor bij tennissers dat het in het Engels de naam “tennis leg” heeft gekregen. In Nederland spreken we van “zweepslag”, omdat de pijn bij het ontstaan zo heftig kan zijn dat het lijkt of je met een zweep geslagen wordt.  

Spierscheurtjes kunnen ontstaan als een spier krachtig aanspant, terwijl deze tegelijkertijd uitgerekt wordt (excentrische contractie), bijvoorbeeld bij een snelle afzet van de voet, of bij de landing na een sprong. 

Spierscheuren bestaan in verschillende gradaties:

  • Een lichte verrekking is een eerstegraads spierscheur. De scheur is minimaal en er is geen merkbaar defect te voelen, maar de stekende pijn kan je wel belemmeren om door te spelen.
  • Bij een tweedegraads spierscheur is een groter aantal spiervezels daadwerkelijk gescheurd en is de pijn ernstiger dan bij een eerstegraads ruptuur. Doorspelen is onmogelijk en soms kan je het aangedane been niet meer belasten. Er is duidelijk sprake van krachtsverlies. Een tweedegraads spierruptuur kan gepaard gaan met zwelling en een blauwe plek (zichtbaar 24 tot 48 uur na het ontstaan van de blessure).
  • Bij een derdegraads spierscheur is sprake van een uitgebreide of totale ruptuur, maar dat komt bij tennis gelukkig relatief weinig voor. 

Maar wat nu? Hoe kun je dit het beste aanpakken om zo snel mogelijk te herstellen? En wat kan je doen om dit in de toekomst zo goed mogelijk te voorkomen? 

De eerste hulp bij het optreden van een blessure kan samengevat worden met de woorden RICE:

  • Rust: stoppen met spelen.
  • IJs: koelen met ijs, koud water of een coldpack.
  • Compressie met een drukverband, om de bloeding en zwelling te beperken.
  • Elevatie: hoog leggen van het been.

In de eerste fase is goede diagnostiek belangrijk, zodat consult bij een fysiotherapeut of sportarts aan te raden is.  Aanvullend onderzoek is niet altijd nodig, maar kan zinvol zijn om de aard en ernst van het letsel te bepalen.

De eerste paar dagen is het belangrijk om rustig aan te doen. Maar zodra de ergste pijn gezakt is en de acute fase voorbij is (na 2-5 dagen) kun je beginnen met wat oefeningen om het spierherstel te stimuleren. Dit kan bijvoorbeeld bestaan uit wandelen of zonder verzet fietsen op een hometrainer, of het rustig aanspannen van de bovenbenen of kuitspieren tijdens het zitten. Lukt dit zonder problemen, dan kun je na enkele dagen trainen de oefeningen wat verzwaren, zoals licht verzet op de fiets, lopen op de tenen of lichte kniebuigingen. Een volgende stap kan bestaan uit rustig joggen, kleine sprongetjes, uitvalspassen en squats. Een (sport) fysiotherapeut kan helpen bij de keuze van de zwaarte en het soort oefeningen in de tijd en de opbouw van de tennistraining bij terugkeer op de tennisbaan.

Ben je vrijwel hersteld, dan zijn onderstaande twee oefeningen geschikt om je quadriceps en hamstrings verder te versterken. Dit kan helpen bij het voorkomen van hernieuwde bovenbeenklachten in de toekomst. 

Oefening "lunge squat"
Oefening "duiker met armen gestrekt"

Volledig herstel kan twee tot acht weken in beslag nemen, afhankelijk van de ernst van het letsel. Hierbij is het gevoel van de sporter ook erg belangrijk, want de kans op hernieuwd letsel is bij te vroege terugkeer en onvolledig herstel groot.  

Een geleidelijke trainingsopbouw en een goede getraindheid belangrijk om toernooien vol te kunnen en (hernieuwde) spierscheuren te voorkomen. 

Kijk op de volgende pagina's voor meer oefeningen voor de lies, kuiten en hamstring.

Babette Pluim, bondsarts KNLTB
Jesper Put, fysiotherapeut/manueel therapeut Medicort