Springersknie

Patella tendinopathie, ook wel "springersknie" genoemd, is een overbelastingblessure van de patellapees (kniepees), gekenmerkt door pijn aan de onderpool van de knieschijf. Zoals de naam al zegt komt de blessure vooral voor bij sporters die veel moeten springen, zoals volleyballers en basketballers, maar ook tennissers. Zo'n 30 á 40% van de topvolleyballers en –basketballers lijdt aan een springersknie, van toptennissers zijn geen cijfers bekend. Een voorbeeld van een bekende tennisser die er last van heeft is Rafael Nadal.

Wat is het?

Bij patella tendinopathie is er sprake van een verstoord herstelproces van de pees, waarbij de kwaliteit en belastbaarheid van het peesweefsel afneemt. Er is geen sprake van een ontsteking, terwijl men dat vroeger wel dacht. De behandeling moet dan ook gericht zijn op het bevorderen van het herstel en de belastbaarheid van de pees en niet op het onderdrukken van een ontsteking (met bijv. corticosteroïden of ontstekingsremmende pijnstillers). 

Wat zijn de klachten?

De blessure geeft een stekende pijn net onder de knieschijf tijdens het tennissen. Bij een klein deel van de spelers is niet alleen de aanhechting aan de knieschijf maar de hele kniepees pijnlijk, of is juist de aanhechting van de kniepees aan het scheenbeen gevoelig. Na afloop van het spelen kan de pijn nazeuren, soms dagenlang. Er is een drukpijnlijke plek net onder de knieschijf (of en soms een lichte zwelling aan de onderpool van de knieschijf. De pijn wordt geprovoceerd wanneer de knie zwaar belast wordt, zoals bij krachtig strekken van de knie. Hurken, knielen, uitstappen, springen, sprinten en serveren zijn vaak pijnlijk.

De ernst van de klachten kan geobjectiveerd worden met de VISA-P score.

Waardoor komt het?

Een springersknie ontstaat door een combinatie van extrinsieke risicofactoren (van buiten) en intrinsieke risicofactoren (van de persoon zelf). De belangrijkste extrinsieke risicofactor is overbelasting, dus (te) veel uren sporten (tennissen + looptraining + krachttraining + andere sporten), maar vooral door een te snelle opbouw van deze belasting. Het grootste risico lopen getalenteerde sporters, omdat zij vaak in korte tijd opeens veel meer uren gaan trainen en wedstrijden spelen, waarbij deze ook nog eens intensiever worden. Belangrijke intrinsieke risicofactoren zijn onvoldoende kracht en flexibiliteit van de hamstrings en een (te) zware lichaamsbouw.

Wat moet je doen?

In de acute fase van de blessure, dus als deze net is ontstaan, is het raadzaam om alle activiteiten die de pijn verergeren tijdelijk achterwege te laten. Vaak betekent dat: een tijdje niet (of minder) tennissen en niet hardlopen.

Oefentherapie

Spierversterkende oefeningen voor de quadriceps staan centraal in de behandeling van patella tendinopathie. Hiermee kun je beginnen zodra de ergste pijn verdwenen.

Voorheen dacht men dat vooral excentrische oefeningen noodzakelijk waren, maar recent onderzoek heeft laten zien dat concentrische en excentrische oefeningen even geschikt zijn. Bij een concentrische oefening verkort de spier tijdens het aanspannen: bij een concentrische oefening verlengt de spier tijdens het aanspannen. Een excentrische aanspanning van je quadriceps vindt plaats wanneer je vanuit een gestrekte stand je knieën buigt (een squat uitvoert) en een concentrische aanspanning vindt plaats wanneer je vanuit deze gebogen stand weer omhoog komt.

Een uitstekende oefening die je thuis kunt doen is de squat:

Het voornaamste hierbij is dat de oefening langzaam wordt uitgevoerd en dat deze zwaar genoeg is. De oefening moet langzamer uitgevoerd worden dan op deze video te zien is: tel bij het doorbuigen tot 3 en bij het omhoog komen opnieuw. Tijdens het oefenen mag je wat voelen, maar de klachten moeten na het oefenen over zijn en de volgende dag tijdens het oefenen niet erger geworden zijn.

Het standaard programma wat in het algemeen voorgeschreven wordt is toewerken naar twee keer per dag drie sets van 15 herhalingen gedurende 12 weken. Indien je de oefeningen makkelijk kunt uitvoeren, maak de squats dan zwaarder door gewichtjes in je handen of op je schouder te nemen. Je kunt ook variëren door in plaats van 3 keer 15 repetition maximums (RM) te kiezen voor een week met  6, 8, 10 of 12 RMs. Het werkt het beste indien je een fysiotherapeut zoekt die je bij de revalidatie kan begeleiden.

Verder moet er voldoende gelegenheid zijn voor goed herstel van de pees. De revalidatie verloopt  sneller en heeft beter effect indien je de tennistrainingen en wedstrijden voorlopig even achterwege laat en je je vooral op de oefeningen concentreert. 

Heb je toegang tot een fitnesscentrum, dan kun je de oefeningen uitbreiden met de leg press. Daarnaast is het belangrijk om ook je balans te verbeteren en alle andere spieren rondom de heup en billen te versterken.

Een voorbeeld van een goede oefening hiervoor zie je hieronder:

Daarnaast moet je dagelijks de hamstrings rekken. Verkorte hamstrings kunnen hernieuwde klachten in de hand werken!   

Opbouwen sportbelasting

Gaan de krachtoefeningen goed, dan kun je geleidelijk aan wat meer explosieve oefeningen in de training opnemen, zoals bijvoorbeeld step ups.

Je kunt nu ook de sportbelasting verder opbouwen, met dribbeloefeningen op de plaats, voetenwerkoefeningen met de ladder, rustig joggen en hardlooptraining met wat versnellingsloopjes, draai- en keeroefeningen en korte sprints.

Weer (meer) tennissen

Indien je een tijd niet getennist hebt, bouw dan je tennisactiviteiten rustig op. Een opbouwschema kan er als volgt uit zien, waarbij het doorlopen van dit schema enkele weken in beslag kan nemen:

1. Minitennis (binnen het servicevak).
2. Langzaam vergroten van het speelveld (tot aan de baselijn).
3. Volley-oefeningen.
4. Eenvoudige slagen vanaf de baselijn.
5. Oefeningen waarbij je verder moet lopen naar de bal.
6. Lage volleys, bovenhandse slagen en services (begin met serveren vanaf de servicelijn en bouw de afstand, het aantal en de snelheid van de services geleidelijk op).
7. Sprongsmashes.
8. Oefenwedstrijden
9. Echte wedstrijden.

Tips om herhaling te voorkomen

1. Doe altijd een goede warming-up en cooling-down.
2. Doe dagelijks rekoefeningen voor de hamstrings.
3. Draag goede tennisschoenen. Vooral belangrijk is dat de zolen passen bij de baansoort waarop je tennist.
4. Tennis liefst op gravel of op vergelijkbare banen die glijden toelaten
5. Voer de intensiteit en omvang van je trainingen geleidelijk op.
6. Doe regelmatig spierversterkende oefeningen voor de bovenbenen.
7. Bij een (lichte) voetafwijking, zoals een platvoet of holvoet, is het aan te raden om zooltjes te gebruiken die de stand corrigeren en het voetgewelf ondersteunen.
8. Regelmatig fietsen in een lichte versnelling draagt bij aan een goede functie van de knie.

Andere behandelmethoden

Andere mogelijke behandelmethoden bij een springersknie zijn schokgolftherapie en injecties met plaatjesrijk plasma, maar de effectiviteit daarvan is niet bewezen.
Sommige spelers hebben baat bij een patellapeesbandje, een tape of een brace, dus het kan zinvol zijn om dit even uit te proberen.   
Paracetamol en NSAIDs kunnen zo nodig (tijdelijk) gebruikt worden voor pijnstilling, maar zijn niet nodig voor en dragen niet bij aan een snellere genezing.
Koelen met ijs kan gebruikt worden voor (tijdelijke) pijndemping.
Corticosteroïdinjecties zijn af te raden, daar ze op korte termijn kunnen helpen, maar op de lange termijn een negatief effect hebben.
Operatieve behandeling kan overwogen worden indien iemand ondanks een langdurige, intensieve  revalidatie nog steeds niet in staat is om te sporten. Zowel een open procedure als een artroscopische behandeling is mogelijk.