Tennisballen

Er zijn twee soorten tennisballen met elk hun specifieke speeleigenschappen: drukloze (pressureless) en gasgevulde (pressurised) tennisballen. Zeker als je gevoelig bent voor (arm)blessures is het handig de verschillen te kennen.

Zoals de naam al zegt, staan drukloze ballen niet onder druk. De stuiteigenschappen komen voort uit de dikte en de soepelheid van het rubber waarvan de ballen zijn gemaakt. Bij gasgevulde ballen daarentegen wordt de elasticiteit niet alleen bepaald door het materiaal van de ballen, maar ook door de luchtdruk in de ballen.

Voor- en nadelen

In competitieverband wordt vrijwel altijd getennist met gasgevulde ballen. Dat speelt fijner, want door hun grotere elasticiteit is het gemakkelijker om gasgevulde ballen snelheid te geven. Bovendien is de gasgevulde bal minder zwaar. Een nadeel van gasgevulde ballen is dat ze langzaam hun druk – en daarmee hun stuithoogte – verliezen. Daardoor gaan ze minder lang mee dan drukloze ballen. Bovendien zijn gasgevulde ballen gemiddeld wat duurder dan drukloze ballen.

Adviezen

1. Spelers met armproblemen wordt aangeraden om te tennissen met (nieuwe) gasgevulde ballen. Doordat die elastischer zijn en minder zwaar, belasten ze de arm minder en dat verkleint dus blessurerisico’s.
2. Voor jeugdige spelers (4-9 jaar) bestaan er speciale tennisballen. Meer daarover lees je hier.