Zes miljoen voor onderzoek om sportblessures te voorkomen met behulp van technologie

Universiteiten, bedrijven en sportorganisaties waaronder ook de KNLTB gaan samenwerken in een omvangrijk onderzoeksproject, om blessurevrij bewegen voor iedereen mogelijk te maken. Het programma draagt de naam Citius, Altius, Sanius (sneller, hoger, gezonder) en ontvangt vanuit de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek een subsidie van 4 miljoen euro. Daarnaast investeren bedrijven en sportorganisaties samen 2,2 miljoen euro in het programma. De TU Delft en de VU Amsterdam zijn de trekkers van dit landelijke initiatief. 

In 2016 hebben 121.000 mensen in Nederland zich met een sportblessure gemeld bij de spoedeisende hulp. Jaarlijks zijn er in Nederland 4,5 miljoen blessures, dat aantal is goed voor maar liefst 5 miljard euro aan directe medische kosten. De helft van deze blessures is echter te voorkomen met de inzet van goede begeleiding en zelfmanagement. Het programma Citius, Altius, Sanius richt zich dan ook op het bevorderen van sportparticipatie, blessurepreventie en prestatieverbetering, zowel op amateur- als op topsportniveau.

Blessurepreventie belangrijk KNLTB-item

Blessurepreventie is een belangrijk item binnen de KNLTB. Tennis is een sport die mensen tot in lengte van jaren kunnen blijven beoefenen indien ze niet gehinderd zijn door blessures. Babette Pluim, Bondsarts bij de KNLTB: “Met name bij de 45-plussers zijn blessures echter een veelgenoemde reden om met tennis te stoppen en dat is zonde. De tennisbond zet zich dan ook vol in op het verkleinen van de kans op blessures zodat mensen hun leven lang van de tennissport kunnen blijven genieten. Onze medewerking aan het wetenschappelijk programma Citius, Altius, Sanius is daar een mooi voorbeeld van.”

Onderzoeksproject

Het programma Citius Altius Sanius ontwikkelt en gebruikt innovatieve, draagbare sensoren om de fysieke en fysiologische belasting te meten, data science om het blessurerisico voor individuele sporters te berekenen, en bewezen effectieve gepersonaliseerde feedbackmethoden om het gedrag van sporters op alle prestatieniveaus te beïnvloeden. De onderzoekers houden zich echter niet alleen bezig met het ontwikkelen van de benodigde theorie en technologie, maar testen ook of ze veelvoorkomende sportblessures daadwerkelijk kunnen voorkomen bij onder andere fitness, voetbal, hockey, hardlopen en tennis.

Voorbeelden

Onderstaand enkele voorbeelden, specifiek uitgewerkt naar verschillende sporten:

Tennis en honkbal: Bij deze sportengaat het om het voorkomen van schouder- en elleboogblessures. Daarbij zal gebruik worden gemaakt van een draagbare sleeve en een in het racket aangebrachte krachtmeter, die tezamen informatie opleveren over de bewegingen en daarmee gepaard gaande belasting. Deze informatie wordt omgezet in feedback om de bewegingen zo aan te passen dat blessures worden voorkomen.

Voetbal en hockey: Bij deze sporten ligt de nadruk op het voorkomen van hamstringblessures. Door de ontwikkeling van makkelijk draagbare kleding met ingebouwde sensoren, wordt informatie verkregen over de bewegingen van de sporter tijdens trainingen en wedstrijden. Deze informatie wordt vervolgens omgezet in feedback om blessures voor te zijn.

Hardlopen: Bij hardlopen en wandelen komt oververhitting geregeld voor. Op grond van de huidtemperatuur is oververhitting echter goed te voorspellen en door ingebouwde sensoren in de kleding kan de temperatuur geregistreerd worden. Op basis van de sensorinformatie zouden preventieve maatregelen kunnen zijn het gebruikmaken van een koelend vest, waarmee de lichaamstemperatuur wordt gereguleerd.

Fietsen: Hierbij gaat het zowel om feedbackinformatie die een veilige afdaling van wielerprofs moet bevorderen, als ook om de bevordering van de veiligheid van oudere fietsers door de ontwikkeling van een steer-assist, die de fiets bij lage snelheden stabiel houdt en daarmee het op- en afstappen vergemakkelijkt.

Fitness: De meeste fitnessapparaten staan op een vaste plaats. Via ingebouwde krachtsensoren en camera’s zijn ze daarom zeer geschikt om bewegingen te registreren. Deze informatie kan in combinatie met fysiologische informatie zoals de hartslagfrequentie, als basis dienen voor persoonlijke inspanningsadviezen.

Partners

De deelnemende partners binnen het programma zijn o.a.: TU Delft, TU Eindhoven, Universiteit Groningen, Universiteit Leiden, VU Amsterdam, VU Medisch Centrum, AMC en het Radboud Universitair Medisch Centrum, Gemeente Amsterdam, Gemeente Eindhoven, InnosportLab Sport en Beweeg, International Tennis Federation, Kenniscentrum Sport, Stichting Nijmeegse Vierdaagse, NOC*NSF, KNLTB, KNVB, KNHB, KNBSB en het Watersportverbond. 

Meer weten? 

Meer informatie over het programma Citius, Altius, Sanius vind je hier